Paardenbelasting?

Het lijkt wel of ik ergens geregistreerd sta als duizenddingendoekje. Alweer een paniekerige wedstrijdsecretaresse aan de lijn. En toevallig weer op een zeldzaam moment dat ik geen andere belangrijke dingen in mijn agenda had. Als ik kan, help ik graag. Dus alles laten vallen en op naar de Friese kampioenschappen.

Het was de hele tijd stralend weer, tot ik bij C plaatsnam. De hemelsluizen gingen open en hoe. Arme deelnemers. Ik kan dan niet anders dan de motor laten draaien, want zonder ruitenwissers, airco en accu die vol blijft, kan ik ze niet zien. Het risico daarvan is dat de braafste paarden komen bovendrijven. In dit geval bijna letterlijk, want ondanks hevig pompen stond de baan af en toe blank. Het waren niet allemaal Friese paarden en de Friesen die meededen waren niet allemaal zo steady als de ouderwetsere types. Het enige dat ik kan zeggen is dat de omstandigheden voor iedereen gelijk waren, want het bleef van A tot Z plenzen.

De volgorde was wel hetzelfde

Het voordeel van zo’n kampioenschap is dat je een co jury hebt. Dat is meteen een nadeel, want die zit op een andere plek en heeft daardoor een iets ander beeld. Kleine accenten in smaak kunnen ook grote gevolgen hebben voor de uitslag, gezien het aantal onderdelen waar je een cijfer voor geeft. Gelukkig hadden we de nummer 1 in een klasse allebei op exact hetzelfde puntenaantal en in de andere klasse met slechts een klein verschil. Hoewel de volgorde van de uitslag grotendeels gelijk was, zaten er verderop in de lijst wel wat verschillen tussen de punten. Ik heb nog geen lelijke reacties op socials gezien, maar gemopperd is er vast.

Wat een waardeloze jury…

Het weer speelde ontegenzeggelijk een rol. In hoeverre laat je dat als jury meewegen. Dat is een lastig verhaal, want je weet nooit of het later opklaart en je wilt iedereen gelijk behandelen. Jureren wat je ziet is het voorschrift. Ik neig wel naar enige coulance, maar er zijn grenzen. Ik geloof niet dat de regen in dit geval voor veel verschil in inzicht zorgde. Het was meer dat ik te kort in de hals en teveel achter de loodlijn met spanning in de rug wat strenger beoordeelde dan mijn collega. Dat maakt mij waarschijnlijk in ogen van de deelnemers de ‘nare’ jury. Ja jongens, het is gewoon niet okay, die korte strakke nekkies in combinatie met een weggedrukte rug. Hoe het anders kan? Kijk even de beelden van het nieuwste snoepje van de maand Justin Verboomen in Aken terug. Een fijn, blij en ontspannen paard.

Nee hoor, voor je bestwil…

Even heel iets anders waar ik deze week vlekken in mijn nek van kreeg. Allemaal op de hoogte van het UBN, het Unieke Bedrijfs Nummer, wat iedereen die paarden houdt verplicht moest opvragen bij de RVO, waarna je precies moet registreren hoeveel en welke paarden zich op jouw erf bevinden? Er kwamen toen al de nodige argwanende geluiden uit de sector, een voorloper op paardenbelasting? Er werd bij hoog en laag beweerd dat het alleen was in verband met besmettelijke dierziekten, veiliger voor allemaal enzovoorts.

We duiken onder

Braaf als ik ben heb ik me aangemeld, maar ik weet van veel collega’s dat ze er niet aan zijn begonnen. Welnu, de beer is los, want we gaan jaarlijks betalen voor het UBN. Geen wereldschokkend bedrag nog, maar toch. Jaja, ik snap het wel, registeren kost geld en dat moet ergens van betaald. Voor ander vee was dat al langer zo, dus het is eerlijker. Maar áls je nou wil dat iedereen aan iets meedoet, dan is dit niet de manier. Het jaagt nog meer mensen de illegaliteit in en alles controleren gaat niet. Dus daar ga je met je goede bedoelingen.

(R)overheid

Ik snap de wens om in kaart te hebben welke paarden zich waar bevinden, mocht ellende als Westnijl of Afrikaanse paardenpest ons subtropische landje (hier moet je een cynisch lachje bij voorstellen) bereiken. Nederland is een speldenprikje op de globe, maar volgens mij wereldleider in dit soort regulering. Je kan je ook afvragen wat het op wereldschaal voor effect heeft als grote buurlanden er een happy-go-lucky aanpak op na houden. Moet je het daarom niet doen? Nou, in ieder geval niet zó. Je bevestigt alle argwaan en het zorgt in mijn ogen alleen maar voor motivatie om er niet aan mee te doen. Het gaat niet om het bedrag, maar om het gevoel.

Het zal weer eens niet…

Er zijn van die dagen dat ik de wereld om me heen niet zo goed begrijp. Maar waarschijnlijk ligt dat aan mij. Anders zouden meer mensen zich wel hetzelfde afvragen, toch? Zo krijgen we in de paardenwereld te maken met de registratie van paarden op de locatie waar ze worden gehouden. Een Europees gedrocht dat het er niet leuker op maakt.

Paardenbelasting. Dat was het eerste dat in me opkwam toen ik me in het onderwerp verdiepte. Het wordt verpakt in een nobel cadeaupapiertje, namelijk dat er bij een uitbraak van een enge ziekte meteen duidelijk is welk paard waar staat. Ja koekoek. Dat weet iedereen in de omgeving heus wel. Niks is zo snel als een paardentamtam. Zeker als er ellende is. Maar de overheid wil alles van je weten, dus ook dit moet in ons overgeorganiseerde landje ergens veilig in een database staan. Het risico op zoönose, een ziekte die van dier op mens overgaat, is door corona natuurlijk een mooie stok achter de deur. Hoe we het al die eeuwen hebben gered is me een raadsel. Hiermee kan de overheid prachtig databases vergelijken.

Dit gaat geld kosten

Je voelt het aan je water, dit gaat geld kosten. Ieder paard heeft al verplicht een paspoort en een chip. Je moet als eigenaar of huurder van de plek waar het dier wordt gehouden nu een speciaal locatienummer aanvragen en dan de paarden invoeren die daar staan. De verantwoordelijkheid voor deze laatste Europese oprisping ligt niet bij de houder van een paard, maar bij die van de locatie waar het dier staat. Dat kan natuurlijk één en dezelfde zijn.

Dat invoeren doe je als locatiehouder allemaal zelf. Je zet dus een chipnummer in een database. En als er iets verandert, omdat er een paard bij komt of weg gaat, moet je dat ook zelf aanpassen. Er zijn nu nog geen kosten aan verbonden. Maar dat dat wel gaat gebeuren is een kwestie van tijd. En dan denk ik: waarvóór in hemelsnaam? Het bijhouden van die database? Dat doen we zelf! Het maken ervan? Dan ding bestáát al, want dit geldt al heel lang voor koeien en varkens (en schapen en geiten tot de hobbygeitjes van een liefhebber aan toe). Ik snap heus wel dat er zo nu en dan een onderhoudstechneut naar moet kijken. Maar als je de bedragen (iets meer dan 60 euro voor twee) die jaarlijks bijvoorbeeld voor die hobbygeitjes wordt gerekend optelt, komt die waarschijnlijk in een gouden koets voorrijden.

Ook voor zebra’s…?

Ik moet steeds denken aan hoe ik als kind ieder centje opzij legde om een pony te kunnen betalen, die dan bij een bevriende boer in de wei mocht lopen. Stel je voor dat je toen dit had gehad. En dat die boer dus die kosten op zijn dak kreeg en ging doorberekenen. Dit is niet denkbeeldig hè. Het bizarre is dat het om een Europese verordening gaat die al in 2016 is vastgesteld. Daarin staat dat de ‘paardachtigen’ (ik neem aan dat zebra’s in een dierentuin daar ook onder vallen?) vanaf 21 april 2021 gelijk moeten worden geschakeld met de andere landbouwhuisdieren. Sinds eind maart komen er ineens allemaal zenuwachtige berichten dat we hieraan moeten voldoen. Maar het invoeren van de gegevens kon pas vanaf 12 april. Alsof er recent iemand wakker is geworden die dacht: ‘heeee, er was toch nog iets…?’ Dus nu gaan we in 9 dagen verlangen dat heel paardenhoudend Nederland aan die regels voldoet. Ik vraag me dan meteen af hoe dit gaat in Roemenië. Of Portugal. Zijn ze er daar ook zo mee bezig?

De helpdesk was overbelast

Goed, je ontkomt er niet aan, dus ik heb braaf zo’n UBN aangevraagd en ben met alle chipnummers aan de slag gegaan. Je raadt het al…vier van de vijf kon ik zo invoeren, maar bij Socrates ging het mis. Hij is een dagje ouder, dus zijn chipnummer ook. Het zit nog met zo’n plakkertje in zijn KWPN paspoort.

De eerste drie cijfers van het chipnummer zijn een landcode. Die is voor Nederland 528. Maar Socrates zijn nummer begint met 985. Terwijl hij toch echt in het Brabantse Deurne het levenslicht zag. Hij is daarmee wel een soort reserve Belg, maar de laatste keer dat ik in een atlas keek, was dat toch echt Nederland. De RVO website weigerde ‘m in alle toonaarden. Het levensnummer, dat vier cijfers korter is dan alle andere, al helemaal. Eerst maar even een mailtje naar het KWPN. Ik kreeg snel antwoord. Met een screenshot dat ze hem wél konden vinden, dus hij is geregistreerd. Rara, wat nu. De RVO helpdesk was een beetje overbelast, want online kwam ik er niet door. Ouderwets bellen lukte wel, na een half uur in de wacht. Een licht vermoeid, maar op zich wel aardig meisje liep het met me door. Ook zij kon hem niet vinden op chipnummer. Maar bij bestudering van het KWPN screenshot viel me ineens iets op. Een typefout! In zijn paspoort staan als laatste vier cijfers 1796. Maar in de KWPN registratie staat 1896… Invoering op dat nummer bij RVO ging wel. Maar ja, dan kloppen zijn gegevens dus niet met zijn chip…

In tijden niet zo kwaad

Het zal weer eens niet zo zijn. Volgens het aardige RVO-meisje moest ik hem dan maar gewoon met het foute nummer invoeren en me voor het vervolg bij het KWPN vervoegen. ‘Misschien moet hij wel opnieuw gechipt’, zei ze nog, waarna mijn bloed al enigszins begon te koken. Er zít een chip in en die klopt met het nummer in zijn paspoort. Het is voor het KWPN een kwestie van een typefout herstellen in hun systeem. Lijkt mij niet zo ingewikkeld. Ik heb er maar weer een mailtje aan gewaagd. Ik verwachtte er weinig van, want ik was vast niet de enige met problemen. Het is vermoedelijk een beetje druk daar. Maar mijn vertrouwen in de mensheid kreeg weer een kleine opsteker door een keurig mailtje terug dat de typefout is hersteld, dus het is opgelost. Ik moet nu alleen nog even de invoering bij RVO aanpassen.

Ik kwam net weer een beetje terug op aarde toen er gistermorgen iets gebeurde dat mijn al borrelende bloed meteen weer deed overkoken. Op zo’n manier dat ik tot op heden nog niet ben bedaard. Echt, ik ben ik tijden niet zo kwaad geweest. Ik zit ervan te trillen.

Volgende week meer…

Een lijf met lullige pijntjes

Niemand heeft mij ooit verteld dat ouder worden gepaard gaat met zoveel lullige pijntjes. Ik loop al drie dagen met knetterende spierpijn na een fietstochtje, waar ik in het verleden mijn hand niet voor om draaide.

Ik heb altijd op mijn lijf kunnen rekenen. Qua sportieve aanleg ben ik geen toptalent, maar ik heb een behoorlijk duurvermogen. Gekoppeld aan mijn koppigheid  zorgt dat ervoor dat ik niet snel opgeef. Ik ben sterk genoeg om dagelijks in weer en wind, naast mijn gewone werk, stallen uit te mesten zonder ook maar te verblikken of verblozen. Ik ben niet zo huishoudelijk aangelegd, maar dat heeft me een flinke weerstand opgeleverd zullen we maar zeggen. Die heeft me voor menig griepuitbraak behoed, met één uitzondering een paar jaar geleden. Maar die episode was ik eigenlijk ook redelijk snel te boven.

Het ging niet vanzelf over

Bewegen is een dagelijks gegeven met zoveel paarden. Daarnaast houd ik ervan. Ik loop graag hard. Er zijn genoeg mensen die zich dat niet kunnen voorstellen, maar het is echt waar. Niets is zo lekker dan je verstand op nul en gaan. Of je verstand juist op scherp, want ik krijg door het ritme meestal de beste ideeën. Wandelen doen we ook vrijwel dagelijks. Lekker met weer en wind en een uitstekende manier om samen weer even gelijk te schakelen. Er is één ding waar ik minder voor te porren ben: fietsen. Met lichte aandrang ben ik in het begin van deze Corona ellende overstag gegaan en sindsdien heb ik een elektrische fiets. Ook al een teken dat ik oud aan het worden ben, maar vooruit. En ik zeg het zachtjes, ik vind het zelfs een soort van leuk.

Ik heb een periode iets te fanatiek hardgelopen en vooral teveel op de harde weg. Ondanks zeer goede schoenen leverde me dat een pijnlijke achillespees op. Een heel vervelende blessure, die maar langzaam genas. Wat vast niet hielp was dat ik al vrij snel weer rondjes ging draven, weliswaar met een ingetapete enkel. Maar goed, in de voorgaande jaren was dat een kwestie van kiezen op elkaar en niet zeuren. Ging vanzelf over. Nou dus echt niet meer! Nu voel ik door ontlasting van het ene been ineens het andere.

Trillende benen

De nieuwe fiets moet uiteraard gebruikt. Ieder zonnestraaltje wordt benut om er op uit te trekken. We hebben daar een mooi eiland voor en zelfs een tripje Den Helder bleek zeer de moeite waard. Nooit geweten hoe fraai het daar is. En ook zo vlakbij. Afgelopen weekend wilden we daar weer een rondje, in de hoop dat de bollenvelden al in bloei stonden (te vroeg). Er stond een scherper windje dan we hadden gedacht. Om er te komen moet je met de boot mee. We waren iets te laat van huis vertrokken, want we hadden panne met het mandje van Dotje. Ze vindt het helemaal geweldig om mee te gaan, dus we moesten even wat improviseren met tieribs. De afstand van huis naar de boot lijkt misschien niet ver, maar we doen er toch meer dan 30 minuten over. En dan heb ik het niet over een toeristentempo.

Het werd echt wat krap of we het zouden halen, dus op de pedalen, want anders moesten we een uur wachten. Maar boven de 25 km per uur doet die ondersteuning niet meer mee. Doorzetten zit in mijn systeem, dus we haalden de boot op ‘t nippertje. Maar je wilt niet weten hoe. Het water liep over mijn rug, trillende benen, het verplichte mondkapje was een kwelling. De rest van de tocht ging in een bedaarder tempo, maar eenmaal thuis na 65 kilometer voelde ik een harde kabel achterin een been…

Drie dagen stijve hark

De dag erna kon in mijn sokken bijna niet aantrekken. Op een paard klimmen is al 50 jaar routine, dus ik kwam wel boven. Maar eenmaal daar voelde het alsof ik op een stuk te strak gespannen ijzerdraad zat aan één kant achterin een been. Eén knie voelde als een meloen met een soort scherpe steken bij het begin van mijn scheenbeen. En mijn onderrug was één stijve massa. Arm paard, dacht ik meteen. Ik doe altijd erg mijn best zo licht mogelijk te zijn voor hem, door erg op mijn houding te letten. Losse heupen, meeverende enkels en schouders, niet blokkeren, niet achterover hangen… Ik besloot maar te blijven lichtrijden voor zijn plezier. Galop ging nog wel, dus dat hebben we veel gedaan.

Het duurde ook nog eens vervelend lang voordat het beter werd. Ik kwam drie dagen als een hark mijn bed uit. Wat niet helpt is dat we dringend toe zijn aan nieuwe matrassen, maar daarvoor moeten we wel eerst proefliggen, een afspraak maken…dat soort gedoe. Dus het wordt steeds uitgesteld.

Ik vrees het ergste

Die pijntjes doen niet veel goeds voor mijn humeur. Ik baal ervan dat ik ouder en stijver word. En in mijn hoofd betekent het ook al gauw dat die fiets en ik nooit echt vrienden worden. Maar we gaan eerdaags een paar dagen op pad, dus wie weet, bloeit de liefde nog op. Ik ga nu eerst maar even alle paarden aanmelden op het vers aangemaakte Unieke Bedrijfs Nummer. Eerdere ervaringen met overheidssystemen waren nooit vlekkeloos, dus ik vrees alweer het ergste. Volgende week de afloop…