Twee lege stallen…

Ik weet niet of het altijd al in mijn karakter zat, of het gewoon iets is dat iedereen heeft of dat het erger wordt met het verstrijken van de jaren. Ik kan steeds minder goed tegen verandering. Ik kán het wel, maar het duurt effe. En leuk is anders.

Een eigenaar die al ongeveer tien jaar bij op stal mij stond, vertrok zaterdag met haar twee paarden. Niet geheel onverwacht, want ze is verhuisd naar een plek waar ze zelf land heeft. Logisch dus, heel begrijpelijk. Ze vond het zelf ook wel moeilijk om hier weg te gaan, want ze had hier altijd met veel plezier gestaan. Tja, je raakt in zoveel jaar toch helemaal ingeburgerd en een soort van gehecht aan elkaar, als je elkaar dagelijks ziet. En ze was ook een heel fijn iemand om op stal erbij te hebben. Ze woont niet heel ver weg, dus ze is de wereld niet uit en ik ga haar merries beslist tegenkomen. Maar zeker met één van de twee heb ik een hechte band. Dat is nogal een knuffelig type, dus daar had ik iedere avond met het laatste rondje een heel ritueel mee opgebouwd. We hadden dan altijd even een onderonsje, waarbij haar ogen helemaal fluwelig werden. Zo’n zachte blik, je ziet het wel eens bij merries die naar hun veulen kijken. Ja, die ga ik absoluut hevig missen. Belachelijk hoe ik me toch altijd aan dieren hecht. En vooral ook lastig.

Hees van het hinniken

De eerste dag dat ze weg waren, was ik helemaal van slag en DD ook. Lege stallen in het voorbijgaan…ik vind het vreselijk. DD stond maar te gillen, hij was er ’s avonds hees van. Zijn maat Harry is wat minder opgewonden, type Labrador. Die was volgens mij blij dat er nu meer gras voor hem was. Socrates, die een heilig respect had voor de merries en er al vandoor ging als ze maar zijn kant op keken, kon ineens rustig grazen. Hem heb ik wel een paar dagen extra in de gaten gehouden. De laatste week vond ik hem erg teruggetrokken. Nou is hij nooit een dijenkletser van gezelligheid geweest en zonderde hij zich altijd al wat af van de rest, maar ik had toch een bepaald gevoel dat er iets niet klopte. In overleg met de dierenarts heeft hij drie dagen pijnstilling gekregen, want zijn voetjes waren ook net bekapt. Op het straatwerk richting de wei liep hij moeizaam, toch wat gevoelig. In het land ging het beter. We zijn nu een paar dagen verder. DD is iets meer gewend. Hoewel, ik moest even een bankstel ophalen met de trailer en bij terugkeer stond hij alweer brullend bij de ingang te hopen dat er iets met vier benen uit kwam. Socrates is weer als vanouds of misschien zelfs beter. Tussen de mannen wordt hij niet weggejaagd en staat hij ontspannen te grazen.

Wie weet komt er weer wat

De Texelse paardentamtam werkt meestal snel, dus er komt vanzelf wel weer iemand anders aan de deur. Ik wacht het af en ga er niet hevig mee adverteren dat ik plek vrij heb. Het moet namelijk wel iemand zijn die een beetje bij ons past. Waar ik naar zoek? Je moet bereid zijn om je handen uit de mouwen te steken, ook ongevraagd. En iets voor een ander over hebben. Ik kan niets met mensen die mest zien op de poetsplaats en dat laten liggen omdat het niet van hun paard is. Of slechts één vierkante meter voor hun stal vegen. Ook heb ik liever iemand die van plan is langere tijd te blijven, zodat de paarden een stabiele kudde kunnen vormen. Zelf een paard erbij kopen is uiteraard ook een optie, maar ik weet tegenwoordig niet waar ik zou moeten beginnen. Betrouwbaar, gezond? Niet te betalen. Vooral gezondheid is een dingetje, het lijkt wel of ze allemaal wat mankeren. Partner staat ook niet meteen te juichen bij het idee van drie eigen paarden. En als ik dan voorzichtig aangeef dat Socrates niet het eeuwige leven heeft, noemt hij fijntjes kennissen op die nog paarden van 30plus hebben. Nou ja, even afwachten wat het universum allemaal voor ons in petto heeft. Eerst maar aan deze situatie wennen.

Glazen plafond

Mijn twee ruinen staan met drie merries in een grote wei. Ik was aanvankelijk wat huiverig voor een gemengde groep. Dat leek me niet handig, met opspelende hormonen. Maar het liep toevallig zo dat we steeds meer merries op stal erbij kregen. En ik ben niet zo van de aparte landjes, dus ik heb het erop gewaagd.

Het gaat super. Ze gaan iedere ochtend in een vaste volgorde naar buiten, de dames eerst. Als ik DD daarna in de wei zet, staan zijn meiden hem al knorrend op te wachten. Socrates is liever wat meer op zichzelf, hoewel hij ook af en toe kroelend met Whoopy is te zien,  toch één van de meer dominante dames.
DD is ontegenzeggelijk de baas. Als er ruzie wordt gemaakt, is één blik van hem genoeg om orde op zaken te stellen. De dames bepalen echter alle huishoudelijke aangelegenheden, zoals waar wordt gegraasd en wanneer het slaapjestijd is. En als ik één van mijn heren tussendoor uit het land wil halen, moet ik me door een haag van merries heen wurmen, types van 600 à 700 kilo die het daar niet mee eens zijn. Blijf van onze man af.

Grijze oude mannen

De merries treden vaak als een drie-eenheid op. Ik moest daar vorige week aan denken. Het was internationale vrouwendag. De media stond vol met verhalen over ongelijke beloning, vrouwenquota en het glazen plafond. Ik heb ooit met een paar gelijkgestemde zielen op Texel de ‘eilandvrouwen’ opgericht. Het viel ons op dat in besturen en andere belangrijke functies om ons heen vooral vijftig plus mannen zaten en dan ook nog vaak dezelfde. Terwijl wij overal om ons heen capabele vrouwen en jongeren zagen.

Bankhangers

Het ging ons niet zozeer om meer vrouwen, maar om de diversiteit. Als je beslissingen neemt over zaken die de maatschappij aangaan, is het dan niet handig dat een afspiegeling van die maatschappij zich daarover buigt, met hun eigen achterban achter zich? Pas dan heb je toch input van alle partijen die ermee te maken hebben? Er is al vele malen aangetoond dat een divers samengestelde leiding betere beslissingen neemt.
Dus wij gingen vol goede moed aan de slag met allemaal leuke plannetjes om als eerste die capabele vrouwen van de bank te trekken. Viel dat effe tegen. Mannen zijn van het slag ‘Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk wel dat ik het kan’. Vrouwen gaan eerst twintig vriendinnen bellen en eindeloos overleggen waarom ze het toch maar beter niet kunnen doen. Er was nog iets anders dat opviel. Een behoorlijk aantal zat eigenlijk wel lekker op die bank. Die hadden helemaal niet zo’n behoefte om eraf te komen. Het ging toch prima zo?

Het is niet zo gelijk

Het glazen plafond? Ja, dat bestaat. Maar het wordt in mijn ogen vooral in stand gehouden door vrouwen zelf, die blijven zeuren, maar niet bereid zijn om hun nek uit te steken of de schouders eronder. Gelijke beloning? Dan moet je ook hetzelfde leveren. Dus fulltime werken. Deeltijdwerken voor de kinderen? Ben je er lange tijd uit voor ouderschapsverlof? Prima, maar dan heb je niet dezelfde loopbaan-tijd als iemand die dat niet heeft gehad. Je kan alleen iets eisen als de parameters gelijk zijn. Er ‘recht’ op hebben? Op welke gronden dan?

Alle mannen ruin…

Vrouwen zijn er ook experts in om elkaar onderuit te halen. Dat zie ik in de wei terug. Is het tijd om naar binnen te gaan en loopt één van de merries op me af, dan levert dat geheid boze blikken van haar vriendinnen op. Als één van hen zich verliefd tegen DD aan probeer te vleien, is er altijd wel een andere die ertussen springt. Het kan hem geen bal schelen. Hij is ruin en een echte. Misschien dat het daarom wel zo goed gaat in onze groep. Zou dat de oplossing zijn? Weg met het testosteron? Alle mannen ruin…? Wel een manier om van dat old boys netwerk af te komen, want als dit de insteek wordt, rennen ze vast vanzelf weg….