Roddels en leugens

Wat zijn mensen toch nare wezens. Een prachtig initiatief, een mooie club en het gaat kapot aan roddel en achterklap van binnenuit. Hoe vaak maak je dat niet mee? Het gaat niet eens over mij, ik heb genoeg haar op mijn tanden om van me af te bijten. Maar ik zie het om me heen gebeuren en het verdriet wat het veroorzaakt.

Met enthousiasme en veel passie iets van de grond krijgen. Dat gaat natuurlijk nooit zonder tegenslag. En ook niet snel. En heus niet alles gaat goed. Maar als je merkt dat iets begint te pakken en er ontstaan langzaam mooie dingen, dan kun je daar voldoening van hebben. Niet ter meerdere glorie van jezelf, maar gewoon omdat er in al deze onzekere en lastige tijden iets gebeurt waar mensen iets aan hebben, even blij van worden.

Je denkt dat mensen het wel inzien wat je doet

Lang niet iedereen heeft het nodig om zich daarvoor op de borst te kloppen. Juist de harde werkers achter de schermen, die zich niet zo laten voorstaan op wat ze allemaal doen, waardoor het dus ook vaak voor de menigte niet zo zichtbaar is, worden het hardste geraakt. En niet eens door de gemene praatjes zelf. Maar vooral doordat het voelt alsof de groep waar je het voor doet die onwaarheden voor zoete koek aanneemt. Misschien is dat ook wel de fout, dat je verwacht dat mensen wel inzien hoe het werkelijk zit. Het zit er nou eenmaal niet bij iedereen in, de behoefte om luid te roeptoeteren wat ze allemaal hebben gedaan.

We houden van roddelen

Nare verhalen en negativiteit vinden wij mensen lekker. Daar wentelen we ons liever in dan te praten over mooie dingen die worden gedaan. Zo zitten we nou eenmaal in elkaar. Er zijn ook maar weinig mensen die navragen, weerleggen of weerwoord geven. Het is veel makkelijker (en leuker) om automatisch mee te praten, het zelfs dóór te vertellen of in ieder geval te negeren. Vroeger of later komen die leugens die de ronde doen terecht bij degene waar ze over gaan. Het effect is vernietigend. Zelfs als je meer weerbaarheid hebt dan een rijstwafel, dóet het iets met je. Je zet je ziel en zaligheid in voor een groep, je steekt daar ontzettend veel tijd in, je doet je stinkende best. En dan zoiets. Denkt iedereen dat alles wat er op touw wordt gezet vanzelf gaat? Dat al die initiatieven zichzelf organiseren? Ziet niemand hoe je je best doet om anderen te helpen? En hoe wil je als groep waardering van de buitenwereld krijgen als je dat al niet eens voor elkaar kan opbrengen? Bah!

Als een luchtballon die leegloopt

We kunnen een hele verhandeling houden over de origine van de roddels, maar dat is voer voor psychologen. Het verdriet wat zo’n affaire veroorzaakt neemt alle energie weg. In de verdediging gaan heeft geen enkele zin, de schade is er al door het feit dat dat überhaupt nodig zou zijn. Het is zo kwetsend, dat de initiatiefnemers het niet meer kunnen opbrengen en zo’n club een stille dood sterft. En weet je wat dan het schokkende is? Degene die er altijd zo hard voor heeft gewerkt, krijgt daarvoor de zwarte piet. ‘Ja, want die is ermee gestopt’. Nee jongens, die is murw geraakt. Door jullie gebrek aan steun en door de laster. Er is maar zoveel wat je als mens kunt hebben aan teleurstellingen hè.

Het gaat er niet om dat iemand op een schild moet worden gehesen uit dankbaarheid. Het gaat om draagvlak en niet laf wegkijken. Ik zie iemand die zo zijn best doet langzaam kapot gemaakt worden en het maakt me woest.


Vond je dit nou een leuk bericht? Doe dan een donatie!

Geplaatst in Blog en getagd met , , , , .